Header OverviewPage
Blog

Herken een verouderde fiscale structuur vóór de Belastingdienst

26 september 2026 · Ruud van Poppel
Fiscale structuren in het mkb worden zelden fout opgezet. Ze raken wel ongemerkt verouderd. Dit stuk behandelt vier herkenbare signalen, waarom een jaarlijkse aangifte ze niet opvangt en hoe je met een vast toetsmoment de Belastingdienst voor bent.
Blog

Snelle samenvatting

Een verouderde fiscale structuur herken je aan drie signalen: onderdelen van je opzet hebben geen doel meer, recente wetswijzigingen zijn niet doorgevoerd en niemand kijkt naar de structuur los van de jaarlijkse aangifte. Wesselman ziet bij mkb- en familiebedrijven dat structuren zelden verkeerd worden opgezet, maar wel ongemerkt verouderen. Denk aan een holding die bleef staan na een verkoop die niet doorging, een youngtimer in de bv of verkopen aan consumenten over de grens die nooit in de btw-opzet zijn meegenomen. Je fiscale structuur beoordelen in het mkb betekent daarom: minstens één keer per jaar, en bij elke grote wijziging in je bedrijf of in de wet, nagaan of de opzet nog past bij hoe je nu onderneemt.

Fiscale structuur beoordelen mkb: Herken een verouderde fiscale structuur vóór de Belastingdienst

Belangrijkste punten

  • De Belastingdienst schat het nalevingstekort bij mkb-ondernemingen op €5,186 miljard, oftewel 5,5%, op basis van een steekproef over belastingjaar 2020 (Fiscaal Vanmorgen, 2026).
  • Volgens de Belastingdienst ontstaan die fouten vooral door complexe regels en gebrekkige fiscale beheersing. Opzet komt zeer sporadisch voor.
  • Mkb-bedrijven kunnen alleen via een fiscaal dienstverlener meedoen aan horizontaal toezicht (NOB).
  • Vuistregel: laat je structuur elk jaar toetsen en bij elke wijziging in eigendom, activiteiten of wetgeving.

Waarom ziet de Belastingdienst een verouderde structuur vaak eerder dan jij?

Neem een directeur-grootaandeelhouder die jaren geleden een holding oprichtte om een verkoop voor te bereiden. De verkoop ging niet door, de holding bleef staan en inmiddels loopt er een flinke rekening-courant tussen bv en privé. Niemand heeft daar ooit bewust voor gekozen. Het is zo gegroeid.

Fiscale structuur beoordelen mkb: Herken een verouderde fiscale structuur vóór de Belastingdienst

Voor de fiscus is zo'n patroon juist goed herkenbaar. De Belastingdienst werkt met steekproeven en risicogerichte boekenonderzoeken en kijkt daarbij ver terug. De meest recente mkb-steekproef dateert uit 2024, gaat over belastingjaar 2020 en steunt op boekenonderzoeken uit 2022 tot en met 2025 (Fiscaal Vanmorgen, 2026). De dienst wil voor die risicogerichte onderzoeken bovendien meer capaciteit vrijmaken.

Daar komt de schaal bij. Nederland telde begin 2025 ruim 1,6 miljoen mkb-bedrijven, het hoogste aantal sinds de start van de meting in 2007 (CBS, 2025). Bij zoveel ondernemingen selecteert de fiscus op afwijkingen in data. Een structuur die niet meer logisch is, valt in zo'n analyse sneller op dan bij de directeur zelf, die er dagelijks middenin zit.

Aan welke signalen herken je een verouderde fiscale structuur?

Een verouderde fiscale structuur is een opzet die ooit klopte, maar niet meer aansluit bij je huidige activiteiten, eigendomsverhoudingen of de geldende wetgeving. Dat onderscheid doet ertoe. Voor de meeste directeuren zit het grootste risico niet in agressieve planning, maar in achterstallig onderhoud. De Belastingdienst bevestigt dat: non-compliance in het mkb komt vooral voort uit complexe regelgeving en gebrekkige fiscale beheersing (Fiscaal Vanmorgen, 2026). Vier signalen komen in de praktijk het vaakst terug.

Je holding heeft geen duidelijke functie meer

Een holding kan zinvol zijn voor risicospreiding, opvolging of het apart zetten van vermogen. Kan niemand meer uitleggen waarom een bv bestaat, dan kost die vooral geld: extra jaarrekeningen, extra aangiften en soms een rekening-courant die lastige vragen oproept. Een managementvergoeding die al jaren niet is herzien, valt onder hetzelfde signaal.

Wetswijzigingen zijn niet doorgevoerd

De youngtimer is een actueel voorbeeld. Tot en met 2025 lag de leeftijdsgrens voor de bijtelling van 35% over de dagwaarde op 15 jaar, in 2026 op 16 jaar. Per 1 januari 2027 is aangekondigd dat die regeling alleen nog geldt voor auto's van 25 jaar of ouder. De Tweede Kamer heeft om een geleidelijke invoering gevraagd, dus check de actuele stand voordat je beslist.

Je verkoopt over de grens, maar je btw-opzet is binnenlands

Lever je aan consumenten in andere EU-landen, dan kan daar btw verschuldigd zijn. De One Stop Shop (OSS) maakt aangifte via één loket in Nederland mogelijk. Een wetsvoorstel van 26 maart 2026 breidt de OSS gefaseerd uit, deels per 1 januari 2027 en grotendeels per 1 juli 2028. Let op: via de OSS trek je geen buitenlandse btw op kosten af.

Privé en zakelijk vastgoed lopen door elkaar

Eigendom dat heen en weer schuift, levert verrassingen op. Bij een jojo-toedeling (eerst alleen eigenaar, dan samen, daarna weer alleen) oordeelde de Rechtbank Noord-Nederland dat de samenwonersvrijstelling niet gold. Er moest opnieuw €18.735 overdrachtsbelasting worden betaald. Voor dga's met een pand in privé of in de holding geldt hetzelfde: toets elke verschuiving van eigendom vooraf.

Praktisch toepassen:

  • Schrijf per bv in één zin op waarom die bestaat. Lukt dat niet, dan is dat een signaal.
  • Controleer of rekening-courant, managementvergoeding en dga-salaris het afgelopen jaar zijn herzien.
  • Maak een lijst van alle auto's met bouwjaar en eigenaar (bv of IB-onderneming).
  • Ga na of je aan consumenten buiten Nederland levert en hoe je daarover btw aangeeft.

Waarom is een jaarlijkse aangifte geen controle van je structuur?

In 2025 corrigeerde de Belastingdienst bij mkb-ondernemingen alsnog €1,9 miljard van het nalevingstekort (Accountancy Vanmorgen, 2026). Omdat opzet zelden speelt, gaat het grotendeels om fouten die niemand bewust maakte. Dat laat zien waar de gangbare aanpak tekortschiet.

Fiscale structuur beoordelen mkb: Waarom ziet de Belastingdienst een verouderde structuur vaak eerder dan jij?

Een aangifte kijkt terug op één jaar en verwerkt wat er is. Of een bv, een auto of een eigendomsverhouding er nog hoort te zijn, is een andere vraag. Die wordt in de drukte van de aangifteperiode zelden gesteld. Daarnaast liggen loonheffingen, btw en vennootschapsbelasting vaak bij verschillende mensen. Elk onderdeel kan kloppen terwijl het geheel niet meer logisch is.

Het derde probleem is timing. Wie wacht tot de fiscus iets vindt, heeft minder keuze. De MB+-procedure rond box 3 laat dat pijnlijk zien. Wie over 2017 tot en met 2020 niet of te laat bezwaar maakte, heeft volgens de Hoge Raad (mei 2022) en inmiddels vier rechtbanken geen recht op een berekening op basis van werkelijk rendement. Twee zaken liggen nog bij de Hoge Raad, maar de lijn is tot nu toe ongunstig. Hier zat de waarde volledig in op tijd handelen.

Fiscale structuur beoordelen in het mkb: hoe pak je dat structureel aan?

Wat als je je structuur net zo behandelt als je jaarrekening, met een vast moment en een vaste checklist? Grote ondernemingen doen dat met een Tax Control Framework, en die gedachte is goed te vertalen naar het mkb.

Een lichte versie van een Tax Control Framework

Een Tax Control Framework (TCF) is niet wettelijk verplicht, maar de Belastingdienst stimuleert het wel. Is het TCF goed genoeg, dan gaat de Belastingdienst er in principe van uit dat de aangifte aanvaardbaar is en kan een onderneming meedoen aan horizontaal toezicht (Universiteit van Tilburg). In het mkb kan dat alleen via een fiscaal dienstverlener (NOB). Volledig horizontaal toezicht is voor veel directeuren niet nodig, de discipline erachter wel: vastleggen wie wat controleert, wanneer en op basis van welke regels.

Alle belastingsoorten aan één tafel

De werkwijze van Wesselman start met één vraag: past de structuur nog bij de onderneming zoals die nu draait? Daarna kijken specialisten per vakgebied mee, zoals Ruud van Poppel (internationaal fiscaal en overnames), Wendy Derks-Peters (omzet- en overdrachtsbelasting), Lindy van de Kerkhof (loonheffingen) en Monique D'Elfant (schenk- en erfbelasting). Je vindt ze bij de fiscalisten en adviseurs per vakgebied. Omdat audit, payroll en juridisch advies onder hetzelfde dak zitten, valt een loonheffingsprobleem dat voortkomt uit een verouderde holdingopzet eerder op.

Vooruitkijken naar ingangsdata

Wetswijzigingen met een vaste ingangsdatum, zoals de youngtimer per 1 januari 2027, geven je een deadline om keuzes te maken. Het verschil tussen beide aanpakken ziet er zo uit:

AspectAlleen jaarlijkse aangiftePeriodieke structuurtoets
Moment van ontdekkingVaak pas bij boekenonderzoek, soms 2 tot 5 jaar na het belastingjaar1x per jaar plus bij elke grote wijziging
WetswijzigingenVerwerkt na ingang, bijvoorbeeld na 1 januari 2027Doorgaans 6 tot 12 maanden vooraf in kaart
BelastingsoortenPer aangifte, meestal 1 tegelijkVpb, IB, btw, loonheffingen en overdrachtsbelasting samen
Navorderingstermijn fiscusIn de regel tot 5 jaar terugZelfde termijn, maar fouten eerder zelf hersteld
Bezwaartermijn6 weken, bij een reactieve aanpak vaak krap6 weken, bewaakt in de jaarplanning

Praktisch toepassen:

  • Plan één vast structuurmoment per jaar, los van de aangifteperiode, bijvoorbeeld in het najaar.
  • Leg per belastingsoort vast wie controleert en wanneer.
  • Zet bekende ingangsdata in je agenda: 1 januari 2027 (youngtimer, eerste OSS-uitbreiding) en 1 juli 2028 (verdere OSS-uitbreiding).
  • Bewaak bezwaartermijnen van 6 weken centraal, niet per adviseur.

Hoe voer je een structuurtoets uit zonder alles om te gooien?

Herstructureren klinkt als een groot project met notarissen en nieuwe bv's. In de praktijk begint het meestal kleiner: een inventarisatie van wat er is en waarom. Pas daarna blijkt of er i

ets moet veranderen.

Stap 1: breng de huidige structuur in kaart

Maak een eenvoudig overzicht van:

  • alle bv's, vof's, eenmanszaken en stichtingen;
  • aandeelhouders en uiteindelijke belanghebbenden;
  • vastgoed, intellectueel eigendom, machines, voorraden en beleggingen;
  • leningen tussen privé en de onderneming of tussen bv's onderling;
  • werknemers, managementovereenkomsten en directeuren;
  • omzetstromen in Nederland, de EU en daarbuiten.

Gebruik hiervoor niet alleen het organogram van de notaris. Kijk ook naar de feitelijke geldstromen, contracten en werkzaamheden. Een holdingstructuur kan juridisch logisch lijken, maar fiscaal of operationeel anders functioneren dan op papier is bedoeld.

Stap 2: bepaal de fiscale aandachtspunten per onderdeel

Beoordeel vervolgens per onderneming of activiteit onder meer:

OnderwerpVragen voor de structuurtoets
VennootschapsbelastingZijn winsten, verliezen en kosten op de juiste plek terechtgekomen?
DeelnemingsvrijstellingVoldoen deelnemingen aan de voorwaarden en is de administratie compleet?
Fiscale eenheidIs een fiscale eenheid nog gewenst gezien aansprakelijkheid, verliesverrekening en overdrachtsbelasting?
BtwIs er een fiscale eenheid voor de btw, en past die nog bij de feitelijke organisatie?
LoonheffingenIs de dga-beloning onderbouwd en zijn managementvergoedingen zakelijk?
VastgoedIs verhuur, ontwikkeling of verkoop voldoende gescheiden van de werkmaatschappij?
PrivévermogenZijn rekening-courantverhoudingen, dividenduitkeringen en leningen zakelijk vastgelegd?
Internationale activiteitenZijn btw-verplichtingen, vaste-inrichtingsrisico's en transfer pricing beoordeeld?

De uitkomst hoeft niet direct een herstructurering te zijn. Soms is een betere overeenkomst, een zakelijke renteafspraak of een aangepaste factuurstroom voldoende.

Stap 3: toets toekomstige gebeurtenissen, niet alleen het verleden

Een structuur die nu werkt, kan ongeschikt worden door een voorgenomen verandering. Neem daarom minimaal deze gebeurtenissen mee in de beoordeling:

  • toetreding van een nieuwe aandeelhouder;
  • verkoop van aandelen of bedrijfsmiddelen;
  • bedrijfsopvolging binnen de familie;
  • aankoop of verkoop van vastgoed;
  • internationale uitbreiding;
  • afsplitsing van een activiteit;
  • grotere externe financiering;
  • groei van personeel of omzet;
  • wijziging van de fiscale woonplaats van aandeelhouder of bestuurder.

Juist vóór zo'n gebeurtenis bestaat vaak nog keuzevrijheid. Ná ondertekening van een koopovereenkomst of vóór een juridische levering zijn fiscale mogelijkheden meestal beperkter.

Stap 4: werk met scenario's en een beslisdatum

Maak bij grotere keuzes ten minste twee of drie scenario's, bijvoorbeeld:

  1. niets wijzigen;
  2. administratieve of contractuele aanpassing;
  3. juridische herstructurering.

Vergelijk niet alleen de directe belastingdruk. Neem ook mee:

  • notariskosten en advieskosten;
  • overdrachtsbelasting;
  • btw-gevolgen;
  • gevolgen voor financieringsvoorwaarden;
  • aansprakelijkheid;
  • administratieve lasten;
  • termijn waarbinnen de wijziging moet zijn uitgevoerd;
  • risico op antimisbruikbepalingen of zakelijke-toetsen.

Leg daarna een beslisdatum vast. Dat voorkomt dat een mogelijk voordelige route vervalt doordat de voorbereiding te laat begint.

Stap 5: documenteer de zakelijke reden

Bij interne reorganisaties is de zakelijke onderbouwing vaak net zo belangrijk als de fiscale uitkomst. Leg daarom vast:

  • waarom de wijziging bedrijfseconomisch wenselijk is;
  • welke risico's worden gescheiden;
  • welke activiteiten zelfstandig worden gemaakt;
  • waarom een holding, nieuwe werkmaatschappij of vastgoed-bv nodig is;
  • welke besluiten aandeelhouders en bestuur hebben genomen.

Een korte bestuursnotitie, prognose en actielijst kunnen later veel discussie voorkomen. Zeker wanneer gebruik wordt gemaakt van een fiscale faciliteit, doorschuiffaciliteit of vrijstelling.

Wanneer is een notaris, fiscalist of accountant nodig?

Niet elke optimalisatie vraagt om een volledig adviestraject. Bij wijzigingen in eigendom, statuten, aandelen, juridische fusies, splitsingen of inbreng van ondernemingen is professionele begeleiding meestal wel noodzakelijk.

Schakel in ieder geval tijdig deskundigheid in bij:

  • verkoop of aankoop van aandelen;
  • opname van een investeerder;
  • bedrijfsopvolging of schenking;
  • inbreng van een eenmanszaak of vof in een bv;
  • overdracht van vastgoed;
  • internationale structuurwijzigingen;
  • fiscale eenheden;
  • juridische fusie, splitsing of aandelenfusie;
  • een rekening-courantverhouding die oploopt;
  • verliezen die binnen een groep moeten worden benut.

De accountant bewaakt vaak de cijfers en de jaarrekening, de fiscalist beoordeelt de fiscale gevolgen en de notaris verzorgt de juridische uitvoering. Bij grotere trajecten is het verstandig dat deze partijen vooraf gezamenlijk naar de gewenste volgorde kijken.

Veelgemaakte fouten bij proactief belastingadvies

Alleen optimaliseren op het tarief

Een lager belastingtarief is geen zelfstandig doel als daardoor extra risico, complexiteit of kosten ontstaan. Een structuur moet ook uitvoerbaar zijn en passen bij de onderneming.

Te laat beginnen met een verkoop of bedrijfsopvolging

Bij een voorgenomen verkoop zijn afspraken, waarderingen en juridische stappen vaak al in gang gezet voordat de fiscale route wordt bekeken. Daardoor kan een gewenste herstructurering te laat komen of onvoldoende zakelijk zijn onderbouwd.

Privé en zakelijk door elkaar laten lopen

Betalingen via de rekening-courant, privégebruik van zakelijke goederen en onduidelijke leningen zijn niet alleen administratieve aandachtspunten. Ze kunnen leiden tot loon-, dividend-, btw- of winstcorrecties.

Geen aandacht voor buitenlandse btw

Webshops, digitale diensten en leveringen aan consumenten in andere EU-landen kunnen btw-verplichtingen opleveren buiten Nederland. De geplande wijzigingen rond OSS maken het extra belangrijk om omzetstromen per land goed te volgen.

Alleen naar de aangifte kijken

De aangifte is een momentopname. Contracten, facturen, besluiten en administratieve vastlegging bepalen echter of een fiscale positie verdedigbaar is. Proactief advies richt zich daarom ook op de periode vóór de aangifte.

Voorbeeld van een jaarlijkse fiscale planning

Een praktische jaarplanning kan er als volgt uitzien:

PeriodeActie
Januari, februariControle nieuwe tarieven, wetswijzigingen en administratieve inrichting
Maart, aprilVoorbereiding aangiften, beoordeling voorlopige aanslagen en liquiditeitsplanning
Mei, juniTussentijdse winstprognose, dga-loon en btw-processen beoordelen
Juli, augustusAnalyse internationale omzet, OSS en contracten met buitenlandse partijen
September, oktoberStructuurtoets, verkoop- of opvolgingsplannen en eindejaarsmogelijkheden
NovemberBesluitvorming over dividend, investeringen, pensioen- of beloningskeuzes
DecemberUitvoering van tijdkritische acties en vastlegging van bestuursbesluiten

De planning moet aansluiten op de eigen boekjaarafsluiting, aangiftedata en verwachte transacties. Een onderneming met veel internationale omzet heeft bijvoorbeeld meer baat bij frequente btw-controles dan een lokale dienstverlener.

FAQ

Wat is het verschil tussen belastingbesparing en belastingontwijking?

Belastingbesparing binnen de wet is toegestaan wanneer keuzes zakelijk zijn, correct worden vastgelegd en aansluiten bij de bedoeling van de regelgeving. Belastingontwijking ziet op constructies die vooral zijn opgezet om belasting te vermijden zonder reële zakelijke onderbouwing. Waar de grens ligt, hangt af van de feiten, wetgeving en jurisprudentie.

Wanneer moet ik mijn bv-structuur laten controleren?

Minimaal eens per jaar, en daarnaast vóór belangrijke gebeurtenissen zoals een verkoop, overname, vastgoedtransactie, buitenlandse uitbreiding, toetreding van een aandeelhouder of bedrijfsopvolging. Wacht niet tot de jaarrekening gereed is als een besluit al in de komende maanden moet worden genomen.

Kan ik nog herstructureren als een verkoop al wordt voorbereid?

Soms wel, maar de ruimte neemt snel af zodra onderhandelingen concreet zijn, een intentieverklaring is getekend of de verkoop feitelijk vaststaat. Laat daarom vroeg beoordelen of een herstructurering mogelijk en fiscaal verdedigbaar is.

Is een holding altijd fiscaal voordelig?

Nee. Een holding kan voordelen bieden voor risicospreiding, dividendstromen, verkoopopbrengsten en investeringen, maar brengt ook extra administratie, kosten en aandachtspunten mee. Of een holding past, hangt af van winstniveau, groeiplannen, risico's en eigendomsstructuur.

Moet ik voor iedere wetswijziging direct actie ondernemen?

Niet altijd. Begin met de vraag of de wijziging relevant is voor jouw onderneming, privépositie of klantenbestand. Maak vervolgens onderscheid tussen acties die vóór een ingangsdatum moeten plaatsvinden en wijzigingen die alleen om aanpassing van processen of administratie vragen.

Hoe lang kan de Belastingdienst terugkomen op eerdere jaren?

De termijn verschilt per belastingsoort en situatie. In veel gevallen geldt een navorderingstermijn van maximaal vijf jaar, maar er zijn uitzonderingen, onder meer bij buitenlandse situaties en bepaalde aangiften. Bewaar daarom onderbouwingen, contracten en besluitvorming zorgvuldig.

Kan ik zelf bezwaar maken tegen een aanslag?

Ja, bezwaar kan in beginsel zelf worden ingediend. Let wel op de bezwaartermijn van zes weken en motiveer het bezwaar voldoende. Bij grotere bedragen, complexe feiten of een principiële kwestie is deskundige begeleiding vaak verstandig.

Conclusie

Proactief belastingadvies draait niet om elk jaar een nieuwe constructie, maar om tijdig keuzes maken op basis van feiten, plannen en veranderende wetgeving. Een vaste jaarlijkse structuurtoets, een kalender met relevante ingangsdata en duidelijke verantwoordelijkheden helpen om fiscale kansen te benutten en fouten eerder te herstellen.

De belangrijkste stap is eenvoudig: wacht niet op de aangifte of een aanslag. Beoordeel vóór een investering, verkoop, internationale uitbreiding of wijziging in de aandeelhoudersstructuur wat de fiscale gevolgen zijn. Dan blijft belasting een onderdeel van de bedrijfsstrategie in plaats van een onverwachte kostenpost achteraf.

Ontdek hoe Wesselman u kan helpen met uw uitdagingen.

Hulp nodig bij overname, opvolging of fiscale compliance?

Stel je vraag

Bronnen

Artikel gemaakt met Launchmind